Dit huis is amper afgekoeld te krijgen en gisterenavond was het om er zo bij neer te vallen. Dus Knoepie even opgesloten in een kamertje en in de huiskamer de balkondeur even goed open. De twee andere katten lopen nooit weg eigenlijk en bovendien hou ik ze scherp in de gaten.

Blijkbaar niet scherp genoeg. Ik keek even naar de andere kant, hoor een geschraap en een bonk, kijk terug en mis meteen de grootste van het stel terwijl de ander met grote ‘er-is-iets-helemaal-niet-goed’ ogen naar binnen kwam stormen. Een blik over de reling leerde dat ze inderdaad naar beneden gekukeld was en ze had meteen gezelschap van een straatkater uit de buurt. In vliegende paniek een natte broek van de lijn gegrist en binnenstebuiten aangetrokken, schoenen, sleutels en rennen! Paniekerig zag ik me al een hele nacht rondstruinen!

Dat laatste viel echter enorm mee. Beneden zag ik een hysterische kat tegen de muur omhoog springen in loze pogingen terug op het balkon te geraken. Inderdaad, onze Dolly dus. Ze was ondertussen zo hard aan het brullen dat de straatvent met open bek en van een afstandje zat te kijken en ze mij niet meer hoorde roepen. Toen ze me eindelijk zag vloog ze op me af, zette d’r nagels diep in mijn rug en d’r koppie diep in mijn nek. En nee, dat ziet er eigenlijk toch niet zo schattig uit waarschijnlijk aangezien Dolly het formaat heeft van een kleine hond (en dan bedoel ik een stukje groter dan een tekkel of fifi-hondje :)) Eenmaal op de trap begon ze al genoegelijk te knorren en binnen heeft ze me het eerste uur niet meer uit het oog verloren.

Deze nacht heb ik ze allemaal opgesloten dus .. 🙂