[[image:lampje.jpg::left:0]]Vandaag werden wij verblijd met een mooie brief van de woningbouw. In het kader van ‘doe eens wat aan onderhoud’, zijn zij van plan om maar liefst twee maal per jaar een bezoekje aan huis te brengen. “Voor de kleine zaken waarvoor men de moeite niet neemt om te bellen maar die toch opgelost kunnen worden”. We moeten dan denken aan kraanleertjes, loszittende wandcontactdozen, etc.

Dat is op zich best een mooi plan natuurlijk. Alleen flauw dat ze de grotere dingen over het hoofd zien. Zoals de verwarmingsketel die vijf jaar niet onderhouden was en waar ik me suf om gebeld heb, voor afgeblaft ben (‘welnee mevrouw, die ketel behoeft niet schoon gemaakt te worden’ tot ‘doe toch niet zo dom zeg!’) en wat eindigde in een schadeclaim. Of het feit dat alle lichtknoppen allang in zeven stukjes verbrijzeld zijn door ouderdom. Of het feit dat er water in de boxgang staat. Waar ze na een jaar voor besloten hebben er ‘maar wat beton in te storten’, dan is het vast wel weer goed. En het was ook fijn geweest als ze de uitslag van het onderzoek naar vochtproblemen in de woning hadden gegeven, vragen we nog niet eens om een oplossing. Wat te denken van de luchtafvoer die op de meeste plekken halverwege het verlaagd plafond zit. Of de muren in de badcel die werkelijk zwart zijn van de schimmel, hoeveel bleek en speciale spulletjes er ook op smeert. Ze vonden het niet de moeite de keukentegel te herstellen die ze zelf braken toen de buitenverlichting aangelegd werd. Wel werden de wandcontactdozen vastgelijmd met onverwoestbare lijm, die hangen tenminste niet los?! En de gleuf naast de deurpost – die ontstond omdat er een stuk uit de muur brak bij het bevestigen van een anti-inbraak-strip – was niet belangrijk.

Maar we mogen niet klagen, in elk geval krijgen we een nieuw leertje in de kraan.