Kon geen link gevonden krijgen maar ‘RTL in het Land’ berichtte erover. De voedselbank in Zuid-Limburg heeft zoveel aanvragen dat zij het niet meer kan bolwerken. Ruim drie honderd gezinnen staan daar op een wachtlijst, er is simpelweg niet genoeg voedselhulp om hen te kunnen voorzien. Zij eten met kerst waarschijnlijk een borterham met pindakaas, net als de overige 29 dagen van de maand overigens. De voedselbank deed een noodoproep aan leveranciers voor structurele hulp.

Let wel, voor een voedselbank zijn grenzen vastgesteld en je wordt eerst gescreened door de Sociale Dienst om in aanmerking te komen. Een individu mag niet meer dan 150 euro per maand overhouden na aftrek van vaste lasten. Elk bijkomende volwassene is 50 euro daarbij waard, elk bijkomt kind 25 euro. Maar dit zijn maximum bedragen dus. Er kwam een gezin in beeld van een moeder met vier pubers die tachtig euro per maand overhield voor boodschappen, kleding, vervoerskosten en noem maar op. Zij staan op de wachtlijst en vallen nu dus buiten de boot. Had ze maar niet moeten scheiden …

Ik kan daar in en in triest van worden. Hoe is het toch mogelijk in een rijk en welvarend land als Nederland – waar we prat gaan op ‘sociale voorzieningen’ en ‘goede vangnetten’, waar niemand ‘aan de zijlijn mag komen te staan’ – er een wachtlijst is voor een voedselbank?! Er is een onderbesteding in de wet bijzondere Bijstand en ondertussen speelt dit zich onder ons neus af.

Niet om u direct depressief te willen maken, is het toch wel in en in triest.