Vrijheid beledigd te raken

Aanklacht. Politie. Verhoor. Je zou denken dat er hier griezelige dingen zijn gezegd door wellicht nog guurdere personen. Het gaat echter om de schrijver Joris van Casteren en zijn boek ‘Lelystad‘ (Hier een hoofdstukje te lezen). Blijkbaar hebben een aantal inwoners van deze stad aanstoot genomen aan enkele passages uit het boek. En blijkbaar is dat ruim voldoende voor ons onderbemande corps – wat nota bene claimt een ‘handhavingstekort‘ te hebben – deze zaak grondig te gaan onderzoeken.

Het lijkt er op dat vrijheid om beledigd te raken groteske vormen aan gaat nemen in dit land, waar van vrijheid op meningsuiting weinig meer overblijft…

Update: Joris van Casteren kwam er achter dat  een schriftelijk reageren van zijn advocaat afdoende was en is derhalve niet op het politiebureau verschenen. Nu is het voor hem dus afwachten of er een vervolg aan het strafrechterlijk onderzoek gegeven zal worden (Bron)

12 thoughts on “Vrijheid beledigd te raken”

  1. Zal de begroting en het komende regeerakkoord bezuinigingen op het politiekorps geven of juist niet?
    Misschien krijgen we nog meer van deze vreemde activiteiten.
    Het bericht is langs mij heen gegaan.
    Maar de absurditeit schokt mij.
    Vriendelijke groet uit Amsterdam-ZuidOost.

  2. @Rian: da’s een hele mooie. Als die van jezelf is, neem ik ‘m mee naar de Blogparel voor 2010.

    @Cinner: Mag ik de link naar het on-line nieuws hierover toevoegen?
    Het gaat over ene boek dat al in 2008 is uitgegeven. Blijkbaar doen lange tenen er ook lang over om te reageren.

  3. @Rian: tot monsterlijke proporties

    @Rob: ja en het bericht heeft gek genoeg nog weinig stof doen opwaaien geloof ik

    @Suffie: met name overgevoeligheden

    @Peter: er staan reeds drie links opgenomen in de posting, waarvan de eerste linkt naar het nrc.

  4. Door een rechtzaak aan te spannen weet de lezer straks wel om welke figuren het gaat in het boek. Slim.

    Ach, zijn boek krijgt ten minste extra aandacht. Elk nadeel heb z’n voordeel, zullen we maar zeggen..

  5. Als mijn voormalige buurjongen een non-fictieboek schrijft over zijn oude buurtje, mij daarin volledig herkenbaar voor omgeving en kennissenkring opvoert, en mij daarbij effectief te kakken zet, dan kan ik mij zo voorstellen dat ik mij in mijn persoonlijke integriteit en/of levenssfeer voel aangetast. Afhankelijk van wat hij precies schrijft zou ik mij opgelaten, gekrenkt, gekwetst, beschadigd of beledigd kunnen voelen, misschien zelfs in die mate dat ik justitie om een oordeel zou vragen. Als die voormalige buurjongen een hippe, gelouwerde schrijver is, en ik naamloze buurtsukkel, dan ligt dat natuurlijk heel anders. Dan heb ik lange tenen en is die openlijke schending van mijn emotionele integriteit automatisch ondergeschikt aan de creatieve scheppingsdrang van die schrijver.

    Is die strafklacht overdreven? Tja, ik zou natuurlijk een brief kunnen sturen naar meneer van Casteren, met het vriendelijke verzoek om de uitgave terug uit de schappen te halen en te rectificeren, maar iets zegt mij dat dit vermoedelijk niet tot het gewenste resultaat zal leiden.

    De opmerking over het politieke en maatschappelijke klimaat vind ik bijzonder. De huidige trend in de maatschappij is juist dat wij steeds meer aandacht besteden aan de individuele belangen van afzonderlijke burgers. En volgens mij vinden we dat allemaal juist goed. Het automatisch affakkelen van iemand die voor zijn persoonlijke belangen opkomt is wat mij betreft behoorlijk strijdig daarmee.

    Het opmeten van iemands tenen is geen wiskunde. Waar de één z’n schouders voor ophaalt, voelt een ander zich uitermate door gekrenkt. Dat kan je afdoen als overgevoelig, maar daar hoort ook het respect bij voor het feit dat de norm daarvoor nu eenmaal over een bepaalde bandbreedte geldt. Ik ga er vanuit dat van Casteren er niet willens en wetens op uit is geweest om mensen te krenken, hetzij er wellicht te weinig rekening mee heeft gehouden dat dit zou kunnen gebeuren. Wat mij in dit soort discussie echter steeds vaker begint te iriteren is het feit dat die vraag hier helemaal niet te discussie staat, maar onmiddellijk wordt afgevangen door de term Vrijheid van Meningsuiting, alsof dit een soort tapijt is waaronder je ieder vraagstuk over een respectvolle persoonlijke omgang kunt wegbezemen.

    Wellicht ligt dat ook aan mijn beperkte denkraam; in mijn visie is vrijheid van meningsuiting iets dat te maken heeft met democratie, de vrijheid om ongestraft oppositie te bedrijven, afwijkende meningen, kritiek en visies te uiten en pijnpunten bloot te leggen. Foutje, want vrijheid van meningsuiting blijkt een legitimatie om alles te zeggen en te schrijven wat je wilt, zonder er over na te denken of je hier mensen mee kwetst of beledigt. Scheelt weer nadenken over het respect voor iemand persoonlijke integriteit. Het recht op vrije meningsuiting is één van de rechten van de mens die basis is voor onze wetgeving. Wetsartikelen als belediging, smaad, laster en discriminatie zijn getoets aan die rechten, en andersom is het recht op vrije meningsuiting dus ook beperkt door de gevallen die in de wet genoemd zijn.

    Nog even over die huidige trend: De vrijheid van meningsuiting is nog nooit zo mooi op de kaart gezet als in de afgelopen twintig jaar, met name schrijvers en cabaretiers hebben die vrijheid enorm opgerekt als het gaat om satire met betrekking tot politici, beroemdheden en het koninklijk huis, en het uitkafferen van complete bevolkings- en beroepsgroepen, bijvoorbeeld op GeenStijl, is de nieuwe norm geworden. Als je doe opgerekt grenzen opzoekt moet je dus ook niet verrast zijn als je er af en toen met je neus tegenaan loopt. Dan heel hard gaan roepen dat het met de vrijheid van meningsuiting zo droevig gesteld is, is niet de mening van een belanghebbende die wordt beperkt in zijn vrijheden, maar de roep van een verwend kind dat alleen maar méér wil en de mensenrechten gebruikt als stok om te slaan.

  6. @Suffie: Ja, de strafzaak is inderdaad hetgeen dit overdreven maakt. Voorheen werden dit soort zaken afgehandeld in het civiele recht. Een prachtige manier om de grens tussen vrijheid van meningsuiting en belediging te laten toetsen. Daar is het strafrecht niet voor nodig. Ik zie je ook alleen bepleiten dat vrijheid van meningsuiting getoetst moet kunnen worden (waar ik het mee eens ben), zie geen argumenten waarom dat via een strafzaak zou moeten gebeuren.

    Dát het vaker via een strafzaak gebeurd, maakt dat er beroering ontstaat. Bestond het recht om beledigd te zijn al net zo lang als het recht op vrijheid van meningsuiting, inmiddels is er een recht ontwikkeld om met gekrenkte gevoelens bij de politie terecht te kunnen. Dat de politie al zaken op de plank moet laten liggen maar wel prioriteit weet te geven aan gekrenkte gevoelens, maakt het des te erger. In de praktijk betekent het namelijk een aangifte van bedreiging en vernieling van je woonhuis niet behandeld kan worden maar er ruim tijd is om een weinig omstreden schrijver te verhoren.

    Over de huidige trend: je voert voorbeelden van appels op waar het om peren gaat. Sites als GeenStijl zoeken inderdaad de uiterste grenzen op maar daar kijkt werkelijk niemand vreemd op als ze (weer) tegen een rechtzaak aan lopen. Hier gaat het om een schrijver die de personages in zijn boek heeft gefingeerd, maar waar mensen zich desondanks in menen te herkennen en beledigd zijn. Het is de beledigde die de grens aftast en het is justitie die daar aan meewerkt, niet andersom. Enkele weken ervoor is een internetjournalist verhoord vanwege een citaat. Er is een commissie in het leven geroepen om actief cartoons te beoordelen op gehalte van belediging. Steeds vaker komen dit soort zonderlinge zaken aan het licht.

    Dat het via strafzaken verloopt geeft een zeker signaal af: schrijvers, journalisten, recensenten en zelfs bloggers, kijk uit! Herkenning, citeren, discussie over context of intentie, interpretaties van satire, ironie en andere stijlfiguren, het kan allemaal leiden tot verhoor en een strafzaak. Slechts een gekrenkt persoon is voldoende. En dus durf ik gerust te stellen dat het droevig is gesteld met het recht op de vrijheid van meningsuiting.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *