Herinneringen: een benauwde ervaring

Als de weg naar de juiste diagnoses zolang heeft geduurd als bij mij het geval, kan het niet ‘alleen’ een kwestie zijn van een simpelweg ‘missen’ door artsen. Mijn pad ligt dan ook bezaait met volslagen absurde ervaringen in de zorg. Vergeef me dat ik af en toe een ervaring wil delen.

Ergens op mijn drieëntwintigste – ik was net verhuist – had ik zelf tapijttegels gelegd. De volgende ochtend werd ik tot mijn grote schrik wakker met iets wat op een extreem allergische reactie leek. Mijn gezicht zo gezwollen dat ik amper nog kon zien en moeite had met praten en slikken, mijn handen zo dik dat mijn vingers tegen elkaar stonden geperst met enkels die over mijn schoenen puilden. De huisarts schrok zich rot toen ik zo binnen stapte en wist me dezelfde middag als spoedje bij een dermatoloog binnen te krijgen. Deze was eveneens onder de indruk. Hij stopte me vol met anti-histamine, liet een scala aan bloedtesten uitvoeren en vertelde me dat ik mijn tentamens die week wel gedag kon zeggen.

Op de fysieke reactie na, geen probleem zult u denken. Het ging ook pas mis toen ik twee weken later terug kwam voor de uitslag. De dermatoloog had geen stoffen kunnen vinden die op een allergie wezen. Ik zal nooit weten of het zijn frustratie was dat hij geen oorzaak had kunnen vinden of dat hij zichzelf werkelijk geloofde. In elk geval werd me sacherijnig met een hoop gesnauw medegedeeld dat ik hem had ‘opgelicht’.  Hij meende dat ik klachten had verzonnen om aandacht te krijgen en daarmee zorg wegnam van mensen die werkelijk met spoedeisende klachten kampten. Bovendien voelde hij zich persoonlijk in de zeik genomen, ik had zijn kostbare tijd verknoeid om niets. Compleet verbouwereerd stotterde ik dat hij mij en de reactie van mijn lichaam toch met eigen ogen had gezien en ook de huisarts me niet voor niets met spoed had doorgestuurd. Hierop werd de dermatoloog enkel bozer en onbeschofter. In zijn ogen was ik een leugenaar en een aansteller, ik werd gesommeerd te vertrekken.

Zijn bizarre conclusie bleef niet beperkt tot zijn spreekkamer maar bereikte tevens mijn dossier bij de huisarts. De huisarts die me had verwezen, wist zich nog wel te herinneren hoe ik eruit had gezien en bleef vierkant achter me staan. Elke volgende (huis)arts had deze ervaring echter niet maar de slechte aantekening wél. En zo was er weer een reden voor elke volgende arts dat ik als patiënt vooral met een korreltje, zo niet een hele pot zout moest worden gezien. Pas een jaar of twaalf later vertelde een andere dermatoloog me per toeval dat als bij zo’n extreme reactie van het lichaam geen allergie te vinden is, er sprake is van intolerantie of een vorm van netelroos.

Ik durf wel te zeggen dat dit soort ervaringen ronduit traumatisch zijn geweest voor me. Het gaat immers niet om ongeloof over een onbelangrijke anekdote maar niet geloofd worden rond een gezondheidsprobleem. Het betreft ook niet een vage kennis of een van de buren maar om een belangrijk persoon waarvan je afhankelijk bent voor het wel of niet ontvangen van zorg.  Krijg je die zorg niet, kan je deze niet even ergens anders vandaan toveren. Zelfs een second opinion levert doorgaans niets op aangezien de arts die jou als leugenaar ziet, de verwijzing naar een tweede arts dient te regelen en je kan wel raden hoe zo’n verwijsbrief eruit komt te zien. Een dossier vol gestapeld met veronderstelde aanstelleritus helpt dan natuurlijk bepaald niet mee. Tot slot strekten de gevolgen verder dan het bewuste incident. Astma werd zeven maanden en zes consulten lang gemist onder het mom dat ‘iedereen wel eens een kuchje heeft’ en ‘u stelt zich altijd snel aan’. Er moest een vriend – die dacht dat ik dood lag te gaan, wat ook had gekund – en een ziekenhuis aan te pas komen voor ik serieus werd genomen. Waarschijnlijk hoef ik niet uit te leggen hoe angstig die maanden voor me geweest zijn. Zowel vanwege de astma aanvallen zelf als de wetenschap dat ik geen enkele hulp kon verwachten.

Overigens heb ik inmiddels hulp gezocht voor de psychische gevolgen van mijn gehele (medische) verleden. Ik ben wegens PTSS verwezen naar een traumatherapeut waar ik binnenkort kennis mag maken. Nee, daar heb ik na al mijn ervaringen inderdaad absoluut geen vertrouwen in. Hopelijk zal blijken dat mijn wantrouwen onderdeel van mijn probleem en onterecht is.

In tegenstelling tot wat relatief gezonde mensen wel eens willen denken,  ben ik bepaald geen uitzondering. Vrijwel elke chronisch zieke die ik ooit heb gesproken, heeft een of meerdere van dit soort ervaringen in herinnering. Soms blijven de gevolgen beperkt, soms levert het jaren strijd op voor erkenning van een ernstig gezondheidsprobleem met ontslag, financiële problemen, gebrek aan hulp en/of verlies van vrienden of relatie tot gevolg. Hebben we het nog niet over de angst, verdriet, eenzaamheid, onmacht en boosheid die erbij komen kijken. Want roepende in de woestijn zijn, is erg. Maar roepende in de woestijn zijn terwijl een onderdeel van je lichaam voelbaar, merkbaar en zichtbaar het begeeft, is werkelijk afschuwelijk om mee te maken. 

 

Daar ben ik weer

Zo waren er twee vennoten en een hostingbedrijf, zo kregen de vennoten blijkbaar mot en werd het voor de klant evenmin gezellig. Omdat ik al eens eerder hosting ter ziele heb zien gaan en toen mijn domeinnaam terug moest zien te ‘jatten’, heb ik deze keer niet af willen wachten waar het schip zou stranden.

Dus cinner.com is weer in de lucht, nu ondergebracht bij Antagonist.nl. Geloof dat ik alles weer goed terug heb kunnen zetten. Mocht er toch nog iets niet werken, laat u het weten in de reactiemogelijkheid?

Inmiddels was deze stek al bereikbaar via cinner.com en cinner.nl, daar is om voor mij praktische redenen cinner.net bij gekomen. Nu weer aan de schrijf!

Voor zolang ik nog zichtbaar ben

Mijn webhosting bedrijf heeft zacht gezegd enkele probleempjes wat een flinke weerslag heeft op de klanten van dit bedrijf. Ben daarom druk bezig met een poging te verhuizen en dat zal uiteindelijk wel lukken neem ik aan. Maar het zou zomaar kunnen dat deze stek op een gegeven moment enkele uren tot dagen plat gaat.

Hoop van niet maar dan bent u vast voorbereid…

Update: De verhuizing is in gang. Er is kans dat ik korte tijd offline raak, heb even tijd nodig de nieuwe stek terug in te richten. Waar ik een andere computer voor nodig heb dan de laptop waar ik nu op zit. Een computer die ergens verstopt staat tussen een baal verhuisdozen en boekenkasten. Komt goed!

Hondenpoep en hoe het niet moet

Wij wonen in een overwegend groene wijk vol groenstroken, bermen en grasveldjes. Wij wonen ook in een wijk waar veel mensen denken dat al dat groen bedoeld is als afvalbak. Stukken lunch, hele avondmaaltijden (over het balkon), gebruikte koffiefilters, allerhande lege verpakkingen, gebroken glas, stukken metaal, versplinterd hout, stukken textiel en soms zelfs kapotte kerstballen, een verdwaalde stofzuiger of half gesloopte kast, het is allemaal vertegenwoordigd op ons groen. Samen met het feit dat we hondenbelasting betalen, is dat voor ons reden genoeg om geen hondenpoep van grasveldjes op te ruimen. Let wel, ‘we’ poepen niet op de stoep, in tuinen, op groenstroken die aan achterdeuren grenzen en ook speelweides en voetbalvelden worden met rust gelaten.

Soms wordt ik hier op aangesproken en/of wensen mensen met mij daar een discussie over aan te gaan. Dat mag natuurlijk, we denken niet allemaal hetzelfde. Frappant is alleen hoe mensen mij daar op aanspreken. Zo start men de conversatie graag luidruchtig, op onbeschofte toon en is de eerste zin negen van de tien keer doorspekt met scheldwoorden. Sommige mensen houden liever een veilige afstand en gillen dus hun verwensingen en bedreigingen drie deuren verderop vanaf het balkon mijn kant op. Is er dan ruimte voor hoor en wederhoor, wordt het nog mooier. Blijkbaar is het moeilijk om te zeggen dat men iets gewoon vervelend vindt, dus wordt er doorgaans gegrepen naar een flinke leugen. Meest gehoorde is die van mensen zonder thuiswonende kinderen, die krijsen dat hun kinderen dagelijks op betreffende veldje spelen en onder de hondenpoep thuis komen. Meest absurde is de evenzo veel voorkomende ‘als de gemeente het gras maait, spat bij mij de hondenpoep tegen de ramen’. Merken mensen vervolgens dat al dat loze geschreeuw en gekrijs niets gaat uithalen, is het einde van het ‘gesprek’ doorgaans net zo onbeschoft als de start. Terwijl ik nog aan het praten ben, gooien mensen al dan niet scheldend de deur dicht.  Blijkbaar schenkt dat nog in enige mate een gevoel van overwinning na deze hopeloze missie.

Zult u denken dat de schreeuwlelijkerd dezelfde is als de toch al asociale, vervuilende buurtbewoner. Maar niets is minder waar. Doorgaans gaat het om de net geklede, middelbare vrouw die oogt alsof ze weet hoe het hoort.

Het zal ongetwijfeld aan mij liggen, misschien ben ik gewoon wat ouderwets ende achterhaald. Maar wat is het toch dat mensen denken dat zij gewenst gedrag kunnen afdwingen door totaal asociaal door het lint te gaan?

Ook leuk tijdverdrijf

Ooit geprobeerd een panische bol klauwen en tanden te knippen? Ja ik kan ook wel wat gezelligers bedenken om met de poes te doen. Maar goed, het moest. Vorig jaar leverde de renovatie wat stopverfvlekken in het tapijt op, waar Knoepie heerlijk in had liggen rollebollen. Daarna mocht ik er nog niet naar kijken wilde ze niet veranderen van lief scheetje naar wild horrorbeest. Dus besloten we maar te kijken of het er vanzelf weer uit zou groeien. Nee natuurlijk, waarom makkelijk doen als het moeilijk kan. Dus inmiddels was het verworden tot een kluwen smerige klitten.

Weinig gezond voor zowel haar als voor ons, kwam er vandaag een dierenartsassistente cq kattentrimster (cq redder in nood) over de vloer. Ok, eerst liet zij de kop van het scheerapparaat in mijn vuilnisbak vallen en duurde het enkele minuten voor we die terug hadden. Daarna klom Knoepie alleen al van het geluid van het apparaat via het raam richting plafond (wat op zich ook knap is), ons dwingend over te stappen naar de schaar. Vervolgens wist ze me tussen de knipjes door tot vijf keer toe te ontkomen. Maar na twee opengehaalde armen, een opengehaald been, een beet, een kapotte handdoek, een verstierd t-shirt, een beschadigde bank en een astma aanval (bij mij, de trimster is ongehavend uit de strijd gekomen) was het gelukt, de knoet zooi is volledig weggeknipt.

Nu denkt u waarschijnlijk dat ze me niet meer aankijkt na zo’n lynch- en wurgpartij, maar tot mijn eigen verbazing is niets minder waar. Ze kwam nog geen tien seconden later een knuffel halen en ineens mag ik plukken en kammen dat het een lieve lust is. Sterker, ze komt geheel vrijwillig d’r kalige plek onder mijn neus duwen zodat ik de overgebleven schilfers kan weghalen!

*Zucht*

Nou ja, de assistente was zo lief om niets in rekening te brengen (waar vind je tegenwoordig nog zo iemand!), Knoepie is weer helemaal in d’r element en de ontstoken halen op mijn arm zullen vast ook wel snel helen ..

Handige tip voor kattenmensen die voor eenzelfde probleem komen te staan: gebruik een handdoek om het zicht te ontnemen (van de kat, niet uzelf) en de kat in een wurggreep te houden. De kat vecht ietsje minder terug en tanden en nagels kunnen beter de handdoek te lijf gaan dan u. Ow en ook handig, meteen een handdoek gebruiken. Niet zoals ik pas na de derde poging.