Toen de deur naar mijn toekomst op een kiertje open sprong, sloot mijn vader definitief de deur naar de zijne. Eerlijk gezegd heb ik het aan mijn omgeving te danken dat ik mijn deur niet ook dicht heb gegooid. Alsnog naar de internist, omdat mijn schoonouders de afspraak gewoon maar voor me verzet hadden, mijn vriend al vrij genomen had om mee te gaan, vrienden en familie me elke dag herinnerden dat ik dit door moest zetten. Ik kon de man niet eens vertellen wat mijn klachten waren, geheugen verdronken in verdriet en shock.

Het werd nog moeilijker na mijn eerste B12 injectie. Ik voelde me enkele uren zo goed, meer levend. Beleefde alles om me heen meer intens. De aanvankelijke euforie maar ook het afschuwelijke gemis. De tegenstelling volslagen bizar: niet wetend hoe ik nou verder moest terwijl ik werd vol gepompt met levenslust. In mijn hoofd bezig met dood terwijl mijn hersenen juist meer tot leven kwamen.

Werd er ook overal mee geconfronteerd. Alsof alle beste wensen voor een gelukkig nieuwjaar nog niet erg genoeg waren geweest, vertelden mensen me dat ik er zo goed uitzag. “Het gaat goed met je he, ik zie het aan je”. Onwetend lief bedoeld maar zo intens pijnlijk. Ik wilde er niet goed uit zien, ik wilde ogen zoals ik me voelde, volslagen naar de klote.

Toch, het gaat nu ietsje beter. Langzaam komt het besef dat de tegenstelling er alleen is in mijn emotionele leven maar niet feitelijk bestaat. Mijn behandeling staat los van de keuze die mijn vader heeft gemaakt uit het leven te stappen. Dat ik me soms beter voel laat nog steeds ruimte voor verwarring en verdriet. Geeft zelfs meer ruimte voor verdriet misschien, doordat ik er met hernieuwde kracht een klein beetje beter tegen bestand ben.

Het is vallen en opstaan ..